*

Voetbal International
Home / Achtergronden / Columns / Michel van Egmond

'Juichen voor iets wat al niet meer bestaat'

08/03/2010 12:15

De uitwedstrijd tegen Burnley was vorige week zaterdag nog niet afgefloten, of Portsmouth-trainer Avram Grant (foto) liet zijn Oeroeboeroe wenkbrauwen als kleine rolgordijntjes voor zijn ogen zakken, beende in grote passen naar de achterlijn en klom daar over de reclameborden.

Even later liet hij zich geëmotioneerd in de armen van zijn supporters vallen. Het zag er nogal pathetisch uit, maar het was dan ook een zware week geweest. Portsmouth, van 1898, had een dag eerder het faillissement aangevraagd. De FA kondigde daarna puntenaftrek aan bij de hekkensluiter van de Premier League.

Tegelijkertijd kreeg ene Andrew Andronikou alle aandelen in bezit. Hij werd zo de vijfde nieuwe eigenaar dit seizoen. 'Please don’t take my Portsmouth away', zongen de bezorgde supporters daarom in Burnley, harder dan ooit. Het ging door merg en been.

Nu er zelfs in het land van de onbegrensde televisiegelden voetbalclubs dreigen om te vallen, is bij de Britse bookmakers een heel nieuwe tak van sport ontstaan: het gokken op de profclub die als eerste wordt opgedoekt.

Notts County is één van de namen die veel wordt genoemd, want op weinig plekken heeft de gekte van het moderne voetbalmanagement harder toegeslagen dan aan Meadow Lane.

Sven Goran Eriksson had er de gevallen grootmacht z’n sportieve grandeur moeten teruggeven, maar het enige dat de technisch directeur na zijn voortijdige vertrek achterliet was een te duur elftal en een onbetaalde rekening van tienduizenden Ponden, afkomstig van zijn privé-chauffeur.

Zelfs balancerend op de rand van de afgrond nam de grootheidswaanzin er nooit af. Notts County, spelend op het vierde profniveau, probeerde als laatste redmiddel David Beckham te kopen. Het plan mislukte.

Gek genoeg koos Beckham na heel lang nadenken toch liever voor AC Milan. De oudste profclub ter wereld moet het nu dus doen met Lee Hughes als blikvanger, een veelscorende ex-gedetineerde met een kort lontje, die zelfs in de gevangenis nog uit het veld werd gestuurd.

Het is pijnlijk en fascinerend tegelijk, de doodstrijd van de Engelse oerclubs. Portsmouth won in 2008 nog de FA Cup. Nu, tweeëntwintig maanden en een handvol uitheemse eigenaren verder, is degradatie onafwendbaar en lijkt de selectie nog het meest op een handelsdelegatie van de Verenigde Naties, alleen dan met minder balgevoel.

De spelers komen uit Portugal, Zuid-Afrika, IJsland, Senegal, Ierland, Finland, België, Frankrijk, Schotland, Duitsland, Servië, Israël, Griekenland, Algerije, Nigeria en Ivoorkust. Soms mogen er ook een paar Engelsen meedoen.

Het geheel wordt geleid door een Israëlische trainer, tot voor kort onder leiding van een Nepalese zakenman uit Hong Kong en een investeerder uit Saoedi Arabië. De fans komen over het algemeen nog wèl gewoon uit Portsmouth. Dat is ook het wrange.

Alles verandert, behalve de supporters. Ongewild geeft hun hartstocht de gekte vrij spel. Zij kopen nog altijd trouw hun kaartje, beklimmen tegen beter weten in de tribunes en blijven maar juichen voor wat eigenlijk allang niet meer bestaat: de club waar ze ooit verliefd op werden.



Michel van Egmond

SPELERS

CLUBS

COMPETITIES

WEDSTRIJD

'Dit is niet normaal; bij John is een kans een goal'
Feyenoord-trainer Ronald Koeman over John Guidetti, die zondag tegen Vitesse zijn derde hattrick op rij in een thuisduel produceerde (clubsite)